Verkiezingsprogramma 2018

Verkiezingsprogramma 2018

GEEN ZEE TE HOOG

WAD’N PARTIJ Harlingen,

Programma voor de gemeenteraadsverkiezingen van 21 maart 2018

We hebben ons verkiezingsprogramma iets anders opgezet dan vier jaar geleden. Thematisch i.p.v. een groot aantal paragrafen achter elkaar.
Toekomstgericht als we zijn hebben we meteen besloten het in het vervolg anders te gaan doen: niet meer een keer in de vier jaar een verkiezingsprogramma, maar elk jaar een update.

Voor nu echter bepaalt u op 21 maart of ons vasthoudende, kritisch opbouwende geluid de komende vier jaar opnieuw, en liefst sterker, te horen zal zijn in onze gemeenteraad.

Wij kiezen voor de toekomst, Harlingen in 2030 en verder. Natuurlijk moet onze gemeente ook tot die tijd op een goede manier gerund worden. Je willoos mee laten voeren met stromingen, deining en wisselende winden brengt je echter nergens.
Je moet een koers uitzetten, een doel bepalen waar je met de gemeente heen wilt. Niet met een in beton gegoten beleidsdocument, maar met een werk-in-uitvoering-plan. Hierdoor heb je enerzijds een doel, en anderzijds kun je bijsturen naar gelang ontwikkelingen in de wereld om ons heen dat nodig maken.
Ook wij hebben geen kristallen bol, dit programma is dan ook de eerste opzet die verder uitontwikkeld moet gaan worden.
Wel denken wij te weten wat het centrale thema moet zijn: WERKGELEGENHEIDSBELEID.

Naar onze mening dient er een taskforce (of hoe het ook genoemd moet worden, we hangen niet aan een woord, maar aan de invulling) werkgelegenheid opgezet te worden in de ruimste zin van het woord. Dus samenhangend met andere doelen en activiteiten van de gemeente.
Zo’n taskforce moet naast ambtenaren en bestuurders vooral bestaan uit andere geledingen uit de maatschappij. De gemeente zit er in om te faciliteren en te coördineren, maar de inhoud moet hoofdzakelijk gevormd worden vanuit de samenleving.
Raadsleden, van alle partijen, kunnen geregeld aanschuiven (wellicht niet allemaal tegelijkertijd). Als voorzitter kan een wethouder of, als boven de politieke partijen staand, de burgemeester optreden.
Waar het om gaat is het ontwikkelen van een toekomstvisie en de daaruit voortvloeiende doelen. Waar willen we heen en hoe gaan we daar ook daadwerkelijk en daadkrachtig naartoe werken.

 

Economie & werkgelegenheid

Werkgelegenheid is cruciaal, zowel kwantitatief als kwalitatief, zowel voor nu als voor de toekomst.
Zonder werk geen welvaart. Harlingen behoort al veel te lang tot de armere gemeenten van Nederland. Daar dient wat aan gedaan te worden.
Maar dat wel op een evenwichtige manier en niet ten koste van alles.
Groen en duurzaam worden nadrukkelijk meegewogen; U zou toch ook niet willen dat we voor wat werkgelegenheid een gifgasfabriek toelaten?
Of, voorbeeld dat we allemaal kennen, dat we een afvalverbrandingsoven bouwen aan de rand van werelderfgoed de Waddenzee. Dat terwijl we tegelijk toerisme tot speerpunt van ons beleid uitroepen?
Of, dat we het risico nemen dat de historische binnenstad over 20 jaar in de steigers staat doordat de bodembeweging door de zoutwinning net iets anders uitvalt dan voorspeld is?
Die dingen zijn strijdig met elkaar en dan moet er dus een afweging gemaakt worden.
Met andere woorden: Korte termijn keuzes kunnen de lange termijn werkgelegenheid ernstig ondermijnen.

Juist door zijn historie, ligging en uitstraling heeft Harlingen de potentie een extra welvarende gemeente te zijn. Daar moeten we dus naartoe werken.

Leeuwarden zet in op creatieve industrie. Als voorstad van Leeuwarden zou Harlingen daarbij aansluiting moeten zoeken. Van oudsher is Harlingen, als havenstad, bovendien de meest naar buiten, naar de wereld gerichte stad van Friesland, vroeger ook wel voorstad van Londen genoemd. Daar moeten we op voortborduren. Dat moet ons denkkader worden, om met heer Bommel te spreken. We moeten keuzes maken: afvalstad of opvalstad.

Voor de zekerheid: dat wil niet zeggen dat de gemeente voor werk moet gaan zorgen. De taak van de gemeente is faciliteren, enthousiasmeren, ruimte scheppen, meedenken, overbodige regeltjes overboord gooien, Harlingen (en omgeving!) aantrekkelijk maken als vestigingsplaats voor mensen en bedrijven.

Dat betekent ook niet het aanleggen van WEER een nieuw industrieterrein, hoewel dat misschien onlogisch klinkt.
Aantrekkelijk zijn als vestigingsplaats betekent: groen, cultuur, recreatie, ontspanning, onderwijs enz. Gezien de economische verschuivingen in de wereld, gezien de krimp en in het licht van de opties die een kleine gemeente als Harlingen überhaupt heeft, moet je je afvragen wat voor werkgelegenheid je op termijn wilt aantrekken.

Welvaart genererend werk wordt door het bedrijfsleven geschapen. Het is daarom de taak van de gemeente bedrijven te enthousiasmeren voor Harlingen en ze met raad en daad terzijde te staan om zich hier te vestigen of te starten. Onnodige bureaucratische obstakels worden daarbij niet opgeworpen maar juist verwijderd.

De eerder voorgestelde taskforce werkgelegenheid zou hierbij een belangrijke functie moeten krijgen.

Een aantal punten op dit thema zijn:

  • Harlingen wil terecht inzetten op toerisme. Het lijkt dus voor de hand te liggen aandacht te schenken aan al die honderdduizenden toeristen die Harlingen nu alleen beschouwen als niet meer dan een stop op weg naar de eilanden.
    Die mensen hoeven hier immers niet eerst naar toe gehaald te worden, ze zijn er al. Dit wordt al jaren geroepen. De vraag is: is dit realistisch? Zo ja, dan moeten er stappen gezet worden deze mensen te verleiden onze mooie stad uitgebreider te bezoeken. Zo nee, dan moet deze stroom eilandtoeristen zo efficient mogelijk gefaciliteerd worden, met een minimum aan overlast voor Harlingers. Een van de aandachtspunten is de voor iedereen zichtbare ontbrekende organische schakel tussen de veerhaven en de stad. (Zie ook het thema Ruimtelijke ordening en wonen verderop).
  • Harlingen scoort niet goed op het punt van MKB-vriendelijke gemeenten. Dat moet niet alleen verbeteren, dat moet radicaal op z’n kop gezet worden.
    De gemeente gaat daarom op de kortst mogelijke termijn in gesprek met de Harlinger ondernemers om boven tafel te krijgen waar het aan schort. Daarbij zal niet alleen gesproken worden met bestuurders van ondernemersverenigingen, maar ook met ongeorganiseerde ondernemers en met individuele leden van ondernemersverenigingen. Door alleen met bestuurders te praten, niet alleen in dit concrete voorbeeld, ontstaat een gefilterd beeld van de werkelijkheid, wat niet altijd recht doet aan die werkelijkheid. Het gemeentebestuur behoort zich breder te oriënteren.
  • Harlingen moet zich meer richten op beleid gericht op het aantrekken van hoogwaardige arbeid, zoals creative industrie. Om dit te realiseren moeten een aantal randvoorwaarden in onze gemeente op orde zijn. De gemeente moet bevorderen dat er overal in de stad en de dorpen kwalitatief hoogwaardig breedband internet beschikbaar komt (bv glasvezel). Ook het lokale vervoer, zowel openbaar als bv fietspaden moet verbeterd.
  • De gemeente dient op te passen voor het optuigen van een hulpsysteem waardoor mensen gevangen komen te zitten in de armoedeval, die maakt dat eigen initiatief en inzet afgestraft worden. Hierbij geldt het algemene credo: werk moet lonen.
    Bij het verplichten van mensen met een uitkering tot werkzaamheden zal heel nadrukkelijk voorkomen moeten worden dat daarbij sprake is van het beconcurreren van reguliere banen.
  • Harlingen is een gemeente met een kleine landoppervlakte en heeft dus geen agrarisch karakter. Dat neemt niet weg dat hier nog steeds sprake is van een belangrijke bedrijfstak. Aan de andere kant hebben we de haven en de visserij en onze zeeoriëntatie.
    Gezien die kleine landoppervlakte wordt er voorzichtig omgesprongen met die ruimte en worden (nieuwe) industrieterreinen mede beoordeeld vanuit het oogpunt van te realiseren werkgelegenheid.
    De gemeente onderzoekt ook o.a. de mogelijkheden voor zeeboerderijen.

 

Natuur, Milieu & Klimaat

Waarom zou iets (en laten we dat dan eens afvaloven noemen) dat er door list, leugen en bedrog is gekomen, moeten blijven staan, enkel en alleen omdat het er nu eenmaal staat? Moet u eens proberen, dat argument, als de overheid u opdraagt om een illegaal gebouwd vakantiehuisje af te breken. (“Ja, maar het staat er nou toch al, dan kan het dus wel bijven staan.”) Ze zien u aankomen! (En voor de juridische scherpslijpers: wij weten ook wel dat de REC formeel niet illegaal gebouwd is, maar de vergelijking is er niet minder juist om.)
Ooit schijnt ook gezegd te zijn dat sluiting van de REC de gemeente Harlingen 50.000 Euro gaat kosten. Een schijntje dus, vergeleken met de miljoenen kostende verliesgevende cruisesteiger die wethouder Le Roy vlak voor de verkiezingen feestelijk gaat openen.
De argumentatie tegen de REC is de afgelopen jaren alleen maar sterker geworden: Waddenzee Werelderfgoed, toerisme als speerpunt voor de Harlinger economie, overcapaciteit op de Nederlandse afvalverbrandingsmarkt, toenemend hergebruik (circulaire economie). Wat ons betreft is die 50.000 Euro voor sluiting dus goed besteed.

  • De gemeente Harlingen zet op alle terreinen in op duurzaamheid. Milieu- en groenbeleid horen daarbij.
    Milieu mag niet beschouwd worden als een kostenpost, maar is, zeker op lange termijn, ook een opbrengst. Denk daarbij aan een gezonder leven, maar ook aan de economische kansen voor milieutechnologie.
    Ook lichtvervuiling is milieuvervuiling. Het kassencomplex bij Sexbierum zou lichtarm worden, maar verlicht nu al de nachtelijke hemel terwijl het complex nog lang niet klaar is. De gemeente spant zich in om de lichtvervuiling, zeker ook bij verdere uitbreiding van de kassen, terug te dringen.
  • Uitbreiding en verbetering van het openbaar groen dient met spoed ter hand te worden genomen. Openbaar groen is in onze gemeente vele jaren verwaarloosd. De huidige coalitie van CDA/PvdA/HB heeft daar nog een schepje bovenop gedaan door te bezuinigen op de groenvoorziening.
    Aanpak van het Harlinger Bos en het Harmenspark, om twee voorbeelden te noemen, heeft veel te lang op zich laten wachten. Daarnaast is er dringend behoefte aan meer groen, dat is prettiger en gezonder voor mens en dier, maar ook goed voor het milieu. Bomen en struiken vangen CO2 af en maken de stad klimaatbestendiger. Let wel: het vervangen van bomen die voor de N31 gekapt zijn is precies wat het is, vervanging en kan dus niet meegeteld worden als uitbreiding.
  • Er zijn goede stappen gezet op energiegebied (en ook de Bouwvereniging is goed bezig), maar de gemeente dient nog veel actiever naar mogelijkheden te zoeken om zelf zonnepanelen te plaatsen en anderen daartoe te stimuleren. Oneigenlijk gebruik van industrieterreinen voor zonneparken is dan niet nodig.
  • Bodemdaling = dijkdaling en dus een gevaar voor Harlingen en Friesland. De gemeente Harlingen stelt zich actief op tegen de zoutwinning, ook als ze niet zelf, maar andere overheden over de vergunningen gaan.
    De gemeente Harlingen stelt zich voor de veiligheid van haar inwoners dus op het standpunt: Laat het zout maar zitten. Bovendien is de zoutwinning financieel in onbalans: de winsten van de zoutwinning (miljoenen) zijn voor de (Duitse) aandeelhouders, terwijl de gemeenschap t.z.t. mag opdraaien voor de gevolgen van de risico’s. De kosten van mogelijk dijkverzwaring en het risico voor onze historische binnenstad zijn al gauw vele malen hoger dan de winst.
    Burgers (m.n. op dit moment in Wijnaldum) die menen schade te lijden door de zoutwinning dienen door de gemeente serieus te worden genomen. Als de gemeente zoutwinning niet kan tegenhouden spant ze zich tot het uiterste in om het zgn. Groninger protocol (met omkering van de bewijslast) z.s.m. ook in Friesland van kracht te doen worden.
    De zoutwinning is veel korter aan de gang dan de gaswinning in Groningen en iedereen weet inmiddels wat dáár aan de hand is. Ook in Groningen zijn de mogelijke lange termijngevolgen jaren lang ontkend gebagatelliseerd, zoals Frisia en anderen ook met de zoutwinning (of dat nu onder land of onder zee is) doen.

 

Ruimtelijke ordening, verkeer en wonen

Het langparkeren aan de Harlingerstraatweg (en de parkeergarage) wordt z.s.m. aanbesteed. Het gaat hierbij om vele miljoenen aan extra inkomsten voor de gemeente.
Het zittende coalitiecollege van PvdA, CDA en HB heeft het belang van Harlingen veronachtzaamd. Al sinds in 1992 de gemeente (waar “grappig” genoeg ook toen de dienst werd uitgemaakt door de drie partijen die nu in het college zitten) een uitermate slecht en ondoordacht contract afsloot met de Fa. Van Meurs was bekend dat dat contract per 1 april 2017 zou aflopen. Het college heeft niets gedaan om daarop te anticiperen. Daardoor zitten we nu in een heel rare schemertoestand, waarin de Fa. Van Meurs de exploitatie nog steeds kan voortzetten. Zo hard als de gemeente optreedt tegen zogenaamde illegale parkeerbedrijven – die soms al meer dan tien jaar een nuttige bijdrage leveren om het eilanderblik niet uit de hand te laten lopen – zo fluweelzacht zijn de handschoenen waarmee het college de Fa. Van Meurs behandelt. Daar moet z.s.m. een eind aan komen.

  • De gemeente beschermt de oude stad beter en verlevendigt de nieuwe stadsdelen. De normen voor hoogbouw in en rond het centrum worden aangescherpt.
    Harlingen is een stad van monumenten en een monumentale stad in het klein en die dienen veel beter beschermd te worden, niet alleen “en detail” – dat gebeurt al – maar vooral ook in het totaalbeeld, en dat gebeurt te weinig. Daarnaast dient het moderne deel van de stad veel vrijer en moderner te worden, met zelfbouw en hûs en hiem fry. Daarmee kun je je als gemeente nu nog onderscheiden, waardoor je nieuwe bewoners kunt aantrekken, dringend noodzakelijk in tijden van krimp en onverkochte bouwkavels. Hierdoor krijg je een gevarieerdere stad. In de gevarieerdere stad van vroeger schuilen onze monumenten van heden. Trek dat door naar de toekomst.
  • De gemeente onderzoekt hoe het aanzicht van de stad verbeterd kan worden. Het rapport Ruimtelijke Koers dient daarbij dringend uit de bureaulade gehaald te worden, uitgebreid en maatgevend te worden. Ook de door de Kamer van Koophandel georganiseerde stadsschouw legde in 2013 al een vinger op een aantal zere plekken. Bijna 5 jaar later heeft dat nog tot niets geleid.
  • De gemeente treedt in overleg met het bedrijfsleven, burgers en creatievelingen om te bezien hoe het zicht op de stad verfraaid kan worden. Dit kan bijvoorbeeld middels groen, maar ook door muurschilderingen op de grote blokkendoosgebouwen aan de Nieuwe Industriehaven. De ruimte tussen en rond veerhaven en stadscentrum dient totaal heringericht te worden. Dit maakt de stad mooier en aantrekkelijker en is goed voor het toerisme.
  • De bevolkingskrimp is begonnen en zal waarschijnlijk de komende decennia doorgaan.
    De gemeente ontwikkelt een positief ingesteld krimpbeleid. Op alle beleidsterreinen zal met de krimp rekening gehouden worden, in de eerste plaats door te zoeken naar maatregelen die de krimp voor Harlingen kunnen tegengaan, maar ook door niet door te gaan met een vanzelfsprekend groeibeleid zoals dat in het verleden kon.
    Voor de korte en middellange termijn betekent krimp o.a. een verdere vergrijzing van de bevolking. Dat betekent ook een behoefte aan andere soorten woningen en aan meergeneratiewoningen. Maar ook aan het wegnemen van knelpunten in de bestemmingsplannen die het ontstaan van zogenaamde kangoeroewoningen bemoeilijken.
    Tegelijk kan Harlingen kijken hoe ze jongere mensen kan houden en trekken. Tiny houses zijn hot op dit moment en kunnen voor een kleine(re) doelgroep interessant zijn. Maar dan moet er wel nu aangepakt worden want tegen de tijd dat elke gemeente inhaakt op deze trend is het te laat om je er mee te onderscheiden. Ook het vele water in en om Harlingen biedt mogelijkheden voor alternatieve vormen van huisvesting. Met alleen maar rijtjeshuizen neerzetten onderscheidt je je niet van de rest van Friesland. En trek je dus geen nieuwe inwoners aan.
  • In het algemeen dient woningbouw niet uit politieke motieven plaats te vinden (principiele keuze voor sociale huurwoningen of juist vrije sector), maar vanuit de behoefte in de maatschappij. Aangezien sociale huurwoningen financieel toegankelijk moeten zijn voor de doelgroep is het niet logisch die op dure locaties te bouwen. En omgekeerd leveren dure locaties in de vrije sector meer op.

 

Onderwijs, Cultuur & Zorg

De inhoud van het onderwijs is op zich geen gemeentelijke taak. En door de verzelfstanding van het openbaar basisonderwijs is dat des te minder het geval. Maar het is niet verboden dat de gemeente optreedt als stimulator voor ons onderwijs. Daarom gaat de gemeente in overleg met de scholen om te bekijken hoe de gemeente kan helpen om knelpunten voor verdere verbetering van ons onderwijs op te lossen. Daarnaast ontwikkelt de gemeente i.s.m. het onderwijs en bedrijfsleven een scholingsplan voor volwassenen. Kennis en kundigheden van onze beroepsbevolking dienen voortdurend ontwikkelt te worden om ons ook in Harlingen staande te kunnen houden in de wereldeconomie.

  • Onderwijs kost veel geld, gemeentefinancien zijn beperkt. Gemeente en onderwijsveld zoeken daarom samen bepalen op welke wijze extra gemeentegeld zo effectief en efficient mogelijk kan worden ingezet om Harlinger (EN Midlummer, EN Wijnaldummer!) kinderen een nog betere onderwijs mee te geven voor later.
  • De gemeente spant zich in om zowel actieve als passieve cultuurbeleving te bevorderen. Er gebeurt in Harlingen en ook in de dorpen van alles op cultureel gebied, maar de gemeente dient veel meer te doen om cultuur te stimuleren. Dat is niet alleen een kwestie van beschaving en niveau, maar ook platvloers gemeentelijk eigenbelang.
    Toerisme benoemen als speerpunt is mooi, maar moet ook inhoud gegeven worden. En cultuur – festivals, galeries, museums, creatieve en technologische belevingscentra (Aeolus is gesloten, jammer, maar biedt dus kansen) enz. – kan daarbij een grote rol spelen. Dat dient niet van geval tot geval bekeken te worden met de simpele blik van de boekhouder (wat kost dat?), maar moet onderdeel zijn van een totaalplaatje: wat willen we met Harlingen, waarheen willen we?
    Een van de eerste dingen die de huidige coalitie in 2014 deed was bezuinigen op de muziekschool. Natuurlijk moet ook in de culturele wereld efficient en effectief met belastinggeld worden omgegaan, maar bezuinigen onder het mom van een efficiencyslag is niet onze manier van werken. Daarbij is cultuur, net als groen of een schone stad, een belangrijke vestigingsvoorwaarde voor bedrijven en mensen om voor een gemeente te kiezen. Daarmee moeten we dus aan de slag. Hoognodig.
    Wat nu concreet aan de orde is, is het voortbestaan van Trebol. Simplistisch en populair gesteld: wij zijn voor het behoud van Trebol. Maar: Trebol is een particulier bedrijf en wij gaan geen subsidies verstrekken aan een particuliere onderneming. Dat is concurrentievervalsing en daar is belastinggeld niet voor bedoeld. Toch is er een oplossing. Zonder dit nu het ei van Columbus te noemen, waarom zou de gemeente er geen cultuurbedrijf op na kunnen kouden? We hebben toch ook een havenbedrijf, verzelfstandigd maar 100% gemeente-eigendom. Tegelijkertijd onderzoekt de gemeente alternatieven voor Trebol zodat er keuzemogelijkheden zijn.
  • Sport vervult een soortgelijke rol als cultuur en is daarnaast van belang voor de volksgezondheid, voor iedereen, jong of oud.
    Ook bij het ontwikkelen van het sportbeleid past dus niet de oogkleppenblik van een financiële krentenweger.
    Wat niet betekent dat het geld niet op kan, maar dat er bij financiële problemen niet simpelweg gehakt en bezuinigd wordt. Alle registers van creatief denken en regelen worden dan opengetrokken. En dat betekent het actief aan de slag gaan met de betrokken burgers en verenigingen.
  • Het gemeentelijk jeugdbeleid dient vooral ook positief te zijn.
    Bij jeugdbeleid gaat het al gauw om negatieve zaken: drugs, overgewicht, schooluitval, vandalisme, alcoholmisbruik enz. Je zal als jongere maar op die manier door je eigen gemeente benaderd worden.
    Je hoort vaak: er is in Harlingen voor jongeren niets te doen. Aan zo’n kreet heb je niet veel, maar hij mag wel gezien worden als een signaal om eens uit te zoeken waar het volgens de jongeren zelf aan schort in de gemeente (Discotheek?).
  • De sociaal en medisch zwakkeren in de samenleving worden gesteund en waar nodig beschermd. De gemeente draagt daar naar vermogen het hare aan bij.
    Een belangrijk onderdeel hiervan is communicatie met de betreffende burgers. De Wadnpartij is van mening dat de gemeente altijd, nu en in de toekomst, moet nastreven deze aan te laten sluiten bij de doelgroep. Dit betekend conctreet o.a.: Begrijpelijk taal gebruiken, waar gewenst per brief informeren ipv laten inloggen op een computersysteem of desnoods via bv een huisbezoek. Dat dit kosten met zich meebrengt en niet altijd het meest efficient is voor de gemeente is ons duidelijk. De gemeente is er echter voor de burger en dient zich daarom als uitgangspunt dienstbaar op te stellen.

 

Open en betrouwbaar gemeentebestuur

Onze gemeentelijke overheid is van en vooral ook voor de burgers van Harlingen.
De gemeente werkt daarom open, eerlijk en transparant, zonder verborgen agenda’s en onnodige geheimzinnigdoenerij.
De gemeente Harlingen, zowel politiek als ambtelijk, is zich er van bewust dat vertrouwen verdient moet worden en spant zich daarom in om dit fundamenteel te doen toenemen.

  • De gemeenteraad is het hoogste orgaan in een gemeente en dus simpel gezegd de baas. Dit dient in Harlingen duidelijker tot uiting te komen.
    Leden van het college van B&W die qualitate qua functies bekleden als commissaris, toezichthouder e.d. of optreden namens de gemeente, bijv. als aandeelhouder, of lid, doen dat nadrukkelijk namens de gemeenteraad en worden daartoe zo nodig door de raad geïnstrueerd. Vervolgens dienen zij verantwoording af te leggen aan de raad. Namens wie spreken ze immers als e.e.a. niet gebeurt en hoe kan de raad wethouders controleren als ze niet weet wat ze doen?
    De burgemeester bekleedt een bijzondere positie omdat hij wettelijke bevoegdheden heeft waar de raad niet over gaat. Maar afgezien daarvan geldt het bovenstaande ook voor hem.
  • De gemeente streeft ernaar het ambtenarenapparaat te verkleinen, het mean and lean te maken en te houden, zoals dat zo mooi heet.
    Sportbeleid betekent niet meer sportambtenaren, maar meer ondersteuning van sportverenigingen; cultuurbeleid betekent niet meer cultuurambtenaren, maar meer ondersteuning door de gemeente van particuliere cultuurinitiatieven; jeugdbeleid betekent niet meer jeugdambtenaren, maar stimulerende ondersteuning van initiatieven in de samenleving. Dat kan in de vorm van geld, maar bijv. ook door gratis advies, gratis of makkelijker vergunningen. Beschikbaar geld (en dat zal er de komende jaren waarschijnlijk toch minder zijn) niet stoppen in de vaste lasten van een ambtenarenapparaat, maar direct in de samenleving. En dat zonder onnodige bureaucratische controle, die vaak meer kost dan oplevert. Vertrouwen in de burger, zonder goedgelovig te worden. Enz.
  • Harlingen is en blijft een zelfstandige gemeente.
    De bevolking heeft overduidelijk gekozen voor zelfstandigheid en deze zal zo nodig door het gemeentebestuur verdedigd worden.
    Daarbij dient vooral ook opgepast te worden dat er niet zoveel beleid weglekt naar regelingen met andere gemeenten dat we sluipenderwijs onze zelfstandigheid verliezen.
  • De gemeentefinanciën moeten op orde zijn. Ja. Maar is dat hetzelfde als de boekhoudkundige stelling dat de gemeente elk jaar een sluitende begroting moet hebben? Nee.
    Er dient een onderscheid te worden gemaakt tussen lopende kosten en investeringen. Het kan voor de gemeente veel voordeliger zijn om een aantal jaren begrotingstekorten te hebben door investeringen te doen dan om elk jaar een sluitende begroting te hebben.
  • De digitalisering van onze wereld is volop aan de gang. Ook voor de gemeente Harlingen zal dit het nodige moeten betekenen. Hierbij valt o.a. te denken aan de privacy van onze inwoners, de manier waarop de gemeente digitale gegevens opslaat en beschikbaar maakt en niet te vergeten de beveiliging van onze gemeentelijke IT systemen en de diensverlening die daarvan afhankelijk is.
    De WAD’N PARTIJ heeft als standpunt dat ITbeleid hoort bij het eigen terrein van de gemeente en als zodanig niet uitbesteed moet worden. De uitvoering kan prima worden uitbesteed aan marktpartijen, maar niet het beleidsprimaat. Om ook in de toekomst niet afhankelijk te worden van welke marktpartij dan ook, moet dit beleid ons inziens inzetten op open standaarden en waar mogelijk open source. Hierdoor blijft de data bruikbaar en kan software aan de wensen van de gemeente worden aangepast ook als de gemeente met een andere ITpartner in zee wil gaan. Verder is dan een grotere betrokkenheid van de burger mogelijk bij het verbeteren van de gemeentelijke dienstverlening en is het op langere termijn mogelijk de IT kosten te drukken. 
  • Vier jaar geleden pleitten we voor een actief samenwerkingsverband van Waddengemeenten met behoud van zelfstandigheid van die gemeenten. Nu gaat er een Autoriteit Waddenzee komen. Dat lijkt er een beetje op. Dus een stap vooruit. Harlingen dient de vestigingsplaats te worden van deze autoriteit.
    Harlingen is immers de enige Friese zeehaven en ligt centraal tussen Den Helder en Delfzijl. En historisch: Harlingen was de Friese (=noordelijke) admiraliteitsstad. De tijden zijn veranderd, de ligging van Harlingen is gebleven.
  • Nu de regering Rutte III niet alleen het landelijke referendum de nek omdraait, maar ook het wetsontwerp Lokaal Initiatief, dient de gemeente Harlingen meer dan ooit op zoek te gaan naar mogelijkheden voor verbetering van de lokale democratie door het betrekken van burgers.
    Dat zal een proces zijn van vallen en opstaan, maar dat geeft niet, als er maar serieus aan gewerkt wordt. Er is al het nodige geprobeerd: G1000 bijeenkomsten, inloopavonden, open-plan-processen, maar per saldo lijkt het resultaat toch vooral teleurstelling te zijn, dat er te weinig gebeurt met de inbreng van burgers. Geen reden om er mee te stoppen zoals de regering lijkt te vinden, maar juist om met nieuwe energie mogelijkheden uit te proberen.